Ontwikkelingen in zaaizaadveredeling

Hallo, ik ben ben  Marko Wolthuis, fieldmanager bij HAK en binnen TOG valt zaaizaad (beschikbaarheid) onder mijn verantwoordelijkheid.

Het lijkt allemaal zo gewoon dat zaaizaad voor groentegewassen altijd beschikbaar is. Dit is toch niet zo vanzelfsprekend.  Over het algemeen, wereldwijd gezien, hebben we te maken met kleine teelten zoals teelt van conservenerwten, waspeen, sperziebonen en aangezien ook in de zaadveredeling schaalvergroting plaatsvindt is het niet vreemd om te denken dat de zaaizaadvoorziening daardoor onder druk zou kunnen komen te staan. Dit is gelukkig   tot nu toe niet het geval.  Het blijkt dat “onze” groenteteelten belangrijk genoeg zijn en een welkome aanvulling zijn in een gevarieerd veredelingsprogramma.  Met name in de veredeling van erwten, bonen, spinazie zijn er verschillende veredelingsbedrijven die hier veel tijd en energie in steken. Dit leidt regelmatig tot nieuwe rassen en zodoende borging van voldoende aanbod. Dit is belangrijk om voldoende spreiding in zaai- en oogst traject te bereiken. Het ene ras is qua aantal groeidagen sneller/trager dan een ander ras. Door deze spreiding kan er een zo efficiënt mogelijk zaaischema worden opgesteld en daaruit voortvloeiend een efficiënt oogstschema.  Voor de  erwten, bonen, spinazie, koolgewassen voorzie ik op korte en middellange termijn geen knelpunten in de beschikbaarheid. Voor waspeen, schorseneren, bruine bonen ligt dit iets anders. Bij deze teelten zijn maar 1 of 2 veredelingsbedrijven bij betrokken. Er is sprake van instandhouding en vermeerdering van bestaande rassen en niet ontwikkeling van nieuwe rassen.

Mijns inziens zou er nog meer op smaak van nieuwe rassen veredeld moeten worden. Juist in een tijd dat er vanuit de markt steeds meer vraag komt om minder suiker en zout aan onze producten toe te voegen komt het qua smaak steeds meer aan op de pure smaak van de rassen zelf. Dit maakt een andere denkwijze bij de veredelingsbedrijven noodzakelijk. Minder focus op een zo hoog mogelijke opbrengst en nog meer focus op kwalitatief hoogwaardige rassen met voldoende resistentie tegen ziekten en plagen en een lekkere smaak !
Verder is in toenemende mate een trend om de weerbaarheid van planten te vergroten. Dit heeft niet alleen als oorzaak de steeds meer wisselende weersomstandigheden maar ook de afname in aantal toegelaten gewasbeschermingsmiddelen, met name ook de zaaizaad ontsmettingsmiddelen. Het verdwijnen van de werkzame stof thiram is hier een voorbeeld van terwijl een alternatief (nog) niet beschikbaar is.

Gentechnologie is op dit moment in Europa niet toegestaan. Wie weet kan dit in de toekomst helpen om bijvoorbeeld  minder afhankelijk van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen tijdens de teelt te worden. Een methode als CRISPR-Cas zou hier wellicht soelaas kunnen bieden. Op dit moment staat CRISPR-Cas ook politiek in de belangstelling. De tijd zal het leren of de voordelen opwegen tegen de (ethische) nadelen.